dinsdag 29 september 2026

Neptune S1, ça continue

De waterstanden blijven laag. Slecht nieuws voor de mensen die graag een boottochtje willen maken op de ondergrondse Eau Noire. Er is gewoon onvoldoende water om het artificiële bassin gevuld te krijgen. Goed nieuws voor de duikers daarentegen. Het debiet waartegen in moet gezwommen worden blijft binnen een aanvaarbare grens. Ook heeft een laag debiet een positieve invloed op de zichtbaarheid onder water.

Neptune grot - ingang

Afwisselend duiken Nicky en ik de sifon. Het parcours raakt stilaan vertrouwd. Het verst bekende, en ook diepste, punt kent enkele uitdagingen. Versmallingen volgen elkaar op, en de lijn laat zich niet eenvoudig verankeren in het mulle zand. We hebben beide iets bedacht om dat laatste probleem te verhelpen. Een lijn die blijft waar ze moet liggen is van primordiaal belang wil je in moeilijke omstandigheden de weg terugvinden.

Na mijn onderwaterronde liggen er drie zandzakken gevuld met kiezels en zand. De lijn is verankerd door de eerste versmalling, en ook de tweede versmalling lijkt passeerbaar. 
Nicky koppelt de haspel en passeert de tweede versmalling. Daarmee zijn we officieel nieuwe meters aan het maken. Nicky heeft ankers gemaakt die begraven worden in het zand. De helling wordt steiler, en het zand maakt opnieuw plaats voor slijk. Positief is dan weer dat de volumes van de gang groter worden.

Tijdens mijn tweede duik van de dag rol ik de haspel verder uit, en stijg van -16m tot op -3m, ik stop op een open einde. De gang lijkt horizontaal verder te gaan. Op de terugtocht doe ik een poging de herkomst van het koude water te lokaliseren onder de ruime klok op 50m op de lijn. Ik kan deze niet vinden, maar maak opnieuw oppervlak in de klok, en beslis de lijn te laten liggen voor noodgevallen. Op het eerste gezicht is de klok gesloten, en we hebben nog geen idee of de klok adembaar is.
Nicky is weer aan de beurt. Hij slaagt er in de lijn nog 5m verder te brengen tot in een nieuwe klok. In totaal hebben we de sifon met 25m verlengd, wat een totale S1 lengte van 115m geeft. Groot probleem, de klok is gesloten, en Nicky heeft geen idee waar het vervolg zit, en hij is de stroming kwijt. We kunnen hieruit besluiten dat de S1 nog niet volledig overwonnen is.

Couvin by night

De volgende dag zijn we met één sherpa minder, en zijn er nog een aantal andere verplichtingen. We beslissen daarom om nog één duiker te lanceren, en het achtergebleven materiaal te recupereren.

Aangezien de spullen van Nicky al voor een groot stuk in de grot liggen beslist hij om nog een poging te doen. Veel wijzer worden we voorlopig niet. De lijn wordt geknipt op 110m. Ook Nicky doet een poging om de herkomst van het voelbaar kouder water te lokaliseren, 50m ver in de sifon, en komt daarbij boven in de andere helft van de klok. Ook deze lijn is voorlopig blijven liggen.

We wensen onze dragers te danken. Heel erg bedankt Geert en Kris, maar ook Thierry, hij heeft ons weten verrassen met een zeer interessant dossier ter inzage. Alle authentieke duikverslagen in tekst en beeld verzameld in een lijvige bundel. Geert zal deze digitaliseren, en we laten iedereen later meegenieten.

Stijn


maandag 24 augustus 2026

Neptune

Afgelopen weekend hebben we de S1: 90m,-20m opnieuw geëquipeerd. Doorheen de moeilijkere passages hebben we een touw van 9mm gespannen.

De eerste versmalling op -10m, moest opnieuw uitgegraven worden. Halverwege het parcours volgt er een tweede lage doorgang, maar de meest uitdagende passage is rond 90m op de lijn, -20m diep. Daar zijn er verschillende versmallingen die één voor één vrijgemaakt moeten worden.

Vaak is er maar één passage mogelijk in de relatief brede, maar lage gang. Het is belangrijk dat de lijn goed gepositioneerd blijft. We hebben gemerkt dat de huidige piketten niet voldoende verankeren in het zand met keien. Deze piketten zijn eerder geschikt in zacht sediment wat alomtegenwoordig is in de Belgische sifons. De samenstelling van de bodem op het verste punt doet ons vermoeden dat we op één van de diepere punten van de S1 zitten. Daar voorbij stijgt de bodem langzaam, maar het blijft voorlopig erg laag. Een vervolg is mogelijk, maar we willen eerst de lijn optimaal gefixeerd hebben. Een mogelijkheid is stenen aanleveren om de lijn aan te verankeren. Die stenen zouden van aan de start van de sifon getransporteerd moeten worden tot op 90m, een hele opdracht.

We zijn zeer tevreden met het resultaat. Het is belangrijk om de passages eerst goed te leren kennen, en dat door meerdere duikers. We moeten ook blindelings kunnen vertrouwen op het equipement vooraleer we verder pushen.

Stijn

Hierna een impressie van de start van de S1 (foto Randy)






zondag 7 juni 2026

Croisiers

We hebben bio speleologe Claire Chauveau uitgenodigd om stalen te nemen in het Sys Croisiers. In de eerste plaats van de culturen die te vinden zijn op de samenvloeiing van de twee verschillende rivieren. Ook is er een waterstaal genomen van een warmwaterbron, aangevuld met enkele dieren en bacteriën die haar pad kruisen. Om tot een goed resultaat te komen hebben Nicky en ik er alles aan gedaan om een zo goed als mogelijk begeleiding te bieden. 


Het grootste gevaar in de Croisiers grot blijft de luchtkwaliteit in bepaalde droge delen en in de luchtkamers. De metingen die tijdens de tocht werden uitgevoerd, wezen op een duidelijk verstoorde atmosfeer, met iets meer dan 14% gemeten zuurstof — een waarde die nog bevestigd moet worden na herkalibratie van het toestel — en tot 16.500 ppm CO₂. Hoewel de exacte samenstelling van de rest van het gasmengsel nog niet kon worden bepaald, bevestigen deze waarden dat de lucht in de luchtkamers niet als betrouwbare ademlucht kan worden beschouwd.

Claire heeft dit risico tijdens de tocht rechtstreeks kunnen ervaren. In dit soort omstandigheden ligt de moeilijkheid niet alleen bij het duiken zelf, maar ook bij het feit dat men soms moet communiceren, zich oriënteren, stalen nemen en beslissingen nemen in een omgeving waar elk verwijderen van de ademautomaat, zelfs heel kort, kan leiden tot blootstelling aan een zuurstofarme en CO₂-rijke atmosfeer.

Claire moest alleen de tweede sifon duiken om de geplande stalen te nemen. Omdat ze het netwerk echter nog niet kende en verwachtte dat het zicht op de terugweg zeer slecht zou zijn, zelfs met aangepaste markering met pijlen en cookies, gaf ze er de voorkeur aan begeleid te worden door een duiker die de grot kent. Die beslissing bleek terecht, onder meer door de oriëntatiemoeilijkheden en de slechte luchtkwaliteit in bepaalde luchtkamers. 

In een luchtkamer net vóór de vertakking wilde Claire mij iets meedelen over de staalname. Omdat de communicatie met de ademautomaat in de mond niet duidelijk genoeg was, nam ze die gedurende een fractie van een seconde uit haar mond om te spreken, zodat ik kon begrijpen wat ze zei. Die zeer korte onderbreking was waarschijnlijk al voldoende om haar bloot te stellen aan een kleine hoeveelheid bedorven lucht, waardoor ze onmiddellijk duizelig werd. Ik heb haar toen vastgehouden en geholpen om haar ademautomaat opnieuw in de mond te nemen, zodat ze opnieuw op haar duikgas kon ademen. Om te spreken haal ik vervolgens wel de ontspanner uit de mond (uitademen), maar ademen doen we aan de ontspanner. 

Dit voorval herinnert ons eraan dat, zelfs voor een ervaren duikster met een opleiding in grotduiken, de specifieke omstandigheden in Belgische grotten — met name de luchtkwaliteit in de droge delen — een belangrijke risicofactor vormen. Luchtkamers mogen daarom nooit als veilige zones worden beschouwd zonder voorafgaande betrouwbare meting, en elke wetenschappelijke activiteit in dit soort omgeving vereist ervaren lokale begeleiding en voortdurende waakzaamheid.


Er is onder impuls van de droge speleo’s een nieuwe verbinding tot stand gekomen in het systeem tussen de Surdents en de Croisiers grot. Go West is een claustrofobische tunnel geworden die uitgeeft op een afstap in de eerder ontdekte Salle des Eclats. Een zaal die te leiden heeft gehad onder het gedreun van de treinen, en de aanleg van de tunnel waar de trein door raast (op kleine afstand en boven de grot). Ook zou er tijdens WO I een obstructie zijn aangebracht om militair transport te verhinderen, en daarbij zou ook heel wat springstof zijn gebruikt.

Mijn doel is om te kijken of de S7 passeerbaar is zonder duikgerief. Ik heb weet van een ruime klok halverwege, en wanneer de rivier niet stroomt is de sifon een zwembad. En wat blijkt, de sifon is passeerbaar, zelf wanneer de rivier stroomt! Het meest uitdagende is een korte duck die op termijn kan aangepast worden. M.a.w.: het parcours voor de ‘droge’ speleo’s is daarmee verdubbeld! Er zijn nu enkele mooie zalen te bezoeken die tot op vandaag enkel door twee duikers zijn bezocht. De kans is groot dat er nog meer opties aan het licht zullen komen in die zone.

Een nieuwe onder water optie werd dan weer bevestigd in de Rivière Est van de Surdents. Deze minder actieve rivier heeft een stroomopwaartse sifon die nooit eerder gedoken is. Op het eerste zicht is de sifon niet langer dan 2m, en kan er gemakkelijk 10 m ver gekeken worden in de penetrabele gang, die voor de helft gevuld is met water.

Luchtmetingen in de hoofdgalerij van de Surdents geven 677ppm CO2, dus zeer goed geventileerd en 5300ppm CO2 in de GoWest (luchtcirculatie van Croisiers naar Surdents) en een temperatuur van 15,6°C ?!!!

Stijn

zaterdag 3 januari 2026

Het nieuwe 'Dream team' ... grottocht met een staartje

Een 10-tal jaar terug maakten we de traversée Chawresse-Veronica met 3: Stijn, Christel en mezelf (Geert). We deden dat vlot in minder dan 2 uur. 

Nu zoveel jaren later komt Stijn met het voorstel om de tocht te herdoen, ditmaal met Stijn, Randy, Lore, Eppo en mezelf.

De kids zijn uitgerust

Kruipwerk

Twee januari 2026, de tocht verloopt vlot, nat, kruipen, beetje zoeken, het hoort er allemaal bij. De beschrijving en de topografie uit het boek Chawresse-Veronica van Paul is een uitstekende leidraad.

Aan de puits Daniel

Mooi hoekje in de Veronica

Na het eindeloze kruipwerk in de Veronica sta je dan zo weer buiten, want een grendel met een veermechanisme sluit de grot Veronica af en is van binnenuit probleemloos te bedienen. Eén probleem, de grendel is 'weg', en de deur zit muurvast. Een geluk, Randy heeft zijn telefoon bij (meer en meer speleologen nemen foto's met hun telefoon), en er is netwerkverbinding aan de binnenkant van de deur/tunnel. Bovendien kan Randy zijn GSM onder de deur door schuiven en dan is de verbinding nog beter en kan hij ook een foto maken van de buitenkant van de deur...

Een telefoontje naar onze voorzitter Dirk leert ons dat de deur enkele dagen terug werd geforceerd (inbraak) en blijkbaar is die nu terug geplaatst met een tijdelijke sluiting.

Voor ons is een terugtocht naar de Chawresse geen optie, nog eens 3 uur terug is te lang, Stijn is doornat, Lore wak en de kinderen lijden kou. Er komt dan een hele communicatie op gang via Jos, Jean-Marc en Pol. Even later is Pol aan de deur en vertelt ons dat hij die niet kan openen, hij zal de watermaatschappij contacteren (het is vrijdag, maar er is ook een wachtdienst). Ondertussen houdt Stijn de kinderen bezig verderop in de tunnel (waar het warmer is dan tegen de deur aan). Na ongeveer 1,5 uur krijgen we het verlossende antwoord dat we de tunnel kunnen verlaten via de ander kant, 400 meter verderop. We moeten dan nog wel een eindje terug lopen naar de parking. Eind goed ...

Uiteindelijk hebben we dus een traversée gemaakt die 400 meter langer was als ik de tunnel erbij tel, dus ongeveer 1km. 

Jongeren meenemen op zo een grottocht, is dit verantwoord? Ikzelf kijk daar enigszins kritisch naar, maar ik moet zeggen dat Lore (10) en Eppo (8) dit prima hebben gedaan. Ze hebben dan ook al een mooie speleo-ervaring, hebben ervaring met klimtechnieken en zijn op de meeste plaatsen zelfstandig, hier en daar zijn de beentjes wat te kort. Bovendien zijn ze echt gedreven om dit te doen, grotten zijn voor hen geen onbekende omgeving, op geen enkel moment was er een moreel probleem, wel integendeel. Was Eppo de jongste speleo ooit op dit traject?

Einde bij Pita Chenée, een aanrader, en met wat sneeuw terug naar huis.

Piet zou zeggen, "En wat hebben we vandaag geleerd?" :
- toch maar Pol verwittigen als je de tocht doet
- beetje reserve eten en drinken kan geen kwaad.
- wij hadden natuurlijk het klassieke veiligheidsmateriaal bij en extra licht.
- een GSM blijkt nu ook een zeer nuttig veiligheidstoestel in een grot...

Epiloog

Terug op de parking komt een ploeg met een bordje om aan de Chawresse te hangen, dat de doorgang niet mogelijk is. Laat, wij deden hem al. De deur is pas op 31 december terug geplaatst, 2 dagen terug en ze zou kortelings terug worden hersteld als voorheen.

Geert

maandag 29 september 2025

Exploratieverslag Grotte de Neptune, Couvin, part III

Zaterdag 27/09/2025

Aanwezigen: Seppe Meyvis, Stijn Schabalie, Nicky Kuijpers, Jos Beyens, Daniel Lefebvre, Pascale Somville, Mario Lebbe, Geert De Sadelaer+ Herman Peeters (bezoekers)

Perte, Grotte de Neptune

De insteek was opnieuw via de perte te duiken en de terminus van de vorige explo (-18,6m / 90m) verder aan te pakken. Nicky en ik zouden de lijnpositie optimaliseren en de étroiture verbreden om nadien veiliger verder te kunnen exploreren. Bij de portage merkten we echter al snel dat het debiet wat hoger lag dan de vorige keer (0,5 m³/s tegenover 0,10 m³/s)

Volgens Giordan, de gids van het toeristische gedeelte, was er ’s ochtends te weinig water om de toeristische bootjes te kunnen laten varen. Daarom hebben ze stroomopwaarts in de bovengrondse rivier een prop met takken vrijgemaakt, waardoor er extra water naar binnen stroomde. Vlak voor de sifon hebben ze ook ooit een barrage geïnstalleerd om het waterniveau te kunnen bijsturen.

Nicky en ik zien het niet zitten om te duiken bij dit debiet. Zeker omdat onze werkplek al vrij ver en diep is om met kleine flessen te geraken. Zeker als we dan nog tegen een sterkte stroming moeten terugzwemmen, je zou wel eens verrast kunnen worden. 

Ondanks het feit dat we nog steeds in een laagwaterregime zitten, weten we nu dat de doorlaatbaarheid van de perte van doorslaggevend belang is. Vermoedelijk kunnen we hier dus pas vanaf juli 2026 opnieuw duiken.

Resurgentie, Pont d’Avignon

Ondertussen bezochten Stijn, Daniel, Pascale, Jos en Mario de resurgentie (2,5 km verder), en de grot Pont d’Avignon. Deze was ca. 26 jaar afgesloten, maar via Pascale en Daniel en hun contacten bij DNF kregen we uitzonderlijk weer toegang, hoera!

Deze grot maakt deel uit van het bronnencomplex, grotendeels in de jaren ’70 tem ‘90 verkend (o.a. door L. Golenvaux en S. Cuvelier). Er zou een regard zijn op de ondergrondse rivier in een parallelle zaal. Tot nu toe nooit gedoken. Iets dat ons natuurlijk interesseert. Helaas is er geen spetter water noch uitnodigend vervolg gevonden in deze zaal.  Wel zijn er enkele reeds gedoken sifons verderop in de grot.

Later op de dag keerden Stijn, Nicky en ik dus terug om deze sifons te controleren. Deze waren vroeger slechts tot enkele meters gedoken en eindigden op ondoordringbaar slijk. We lanceren onze USN (Ultra Smalle Nederlander), en hij kon de bevindingen van de vorige duikers bevestigen. Afgevinkt dus.

© Seppe

Resurgentie zelf

Nicky deed nog een (spoel)duik in de resurgentie (vroeger gedoken tot -12m / 18m). Door zware desobwerken uit het verleden is deze deels ingestort en instabiel. 

Nicky duikt tot ca. -4 m en komt in een kleine kamer terecht. Eventueel zou hier puin geruimd kunnen worden om door te breken zegt hij. Stijn inspecteerde ook even kort, maar beoordeelde de situatie als voorlopig te gevaarlijk. Ikzelf hoef mijn duikspullen dus niet meer aan te doen die dag :-)

© Seppe

Toerisme

De sherpa’s van dienst waren dus ‘s namiddags werkloos, maar kregen wel de kans mee aan te schuiven met een groepje toeristen zodat ze de Grotte de Neptune ook op die manier te zien kregen. En net zoals de toeristen, waren ze blij verrast door het bezoek.

Afsluitend

’s Avonds verzamelden we terug op de parking van de Grotte de Neptune, waar ook Geert en Herman aansloten om na te praten. De après speleo vond plaats in de Brasserie des Fagnes.

To be continued!

Seppe



zondag 7 september 2025

Han en Neptune, tweede ronde

Vorig weekend is er zowel in Han als in Neptune een groepje neergestreken voor een tweede ronde. Hoe de eerste ronde is verlopen kan je lezen in vorige verslagen.

Onder leiding van Seppe is er een poging gedaan om een nieuwe perte in de grot van Han te verkennen. Gezien de grote droogte waarmee we te kampen hebben was de perte herleid tot een miezerig stroompje met op de bodem een dik pak slijk. Onverantwoord om in deze omstandigheden een duikpoging te wagen. We stellen dit beter uit naar het natte seizoen.

In afwachting van betere condities voor het team stelt de Reseau Sud gelukkig nooit teleur.

Deze verkenningen zijn uitzonderlijk tot stand gekomen door het onderzoek dat Guy Van Rentergem (SC33) regisseert met z’n zelfgebouwde Lidar.

Ondertussen ben ik aan het werk geweest in de grotten van Neptune. De lijn is er vervangen door een schrikdraad. Het is een test, waarbij we hopen na de winter een bruikbare fil d’Ariane aan te treffen. Deze perte krijgt binnenkort weer heel wat water, maar helaas ook heel wat rommel te verwerken. De troep die nu in ronddreef is door de sherpa’s verzameld en correct gerecycleerd. Het ervaren team bestaande uit Randy, Jos en Geert konden het best vinden op deze nieuwe locatie. Verder is de uitgegraven versmalling onder water, afgewerkt met de hamer en beitel.

Afval uit de sifon (© Geert)

Bij het op zoek gaan naar het vervolg van de rivier is er een nieuwe klok gevonden. Ondanks het beperkte zicht kon ik uiteindelijk toch de stroming lokaliseren, en de lijn verlengen tot op 56m en -13m. Het open einde laat ik met plezier aan Seppe over.

© Jos

Na zijn eerste ronde komt hij met een brede smile boven water. Wat een fantastische grot declareert hij. De lijn is tot op 90m gebracht met als diepste punt bijna 20m, in een laminoir met kiezels op de bodem. Hij wil meer, en vertrekt opnieuw met mijn flessen. 

© Jos

De tweede ronde ligt minder voor de hand. De laminoir wordt smaller, en stijgt langzaam. In dergelijke omstandigheden voel je best met de voeten voor in welke richting het verder moet. Liggend met het hoofd naar beneden is er gekozen om af te knopen en bij een volgende een nieuwe poging te doen. Ik leg alvast opnieuw de drietand klaar om te krabben in de kiezels.

© Jos

Op weg naar de uitgang heeft Daniel Lefebvre, ons contactpersoon, en goeie fotograaf, foto’s genomen.  Het merk XDeep ondersteunt onze projecten met materiaal. Op die manier willen we de autoriteiten van de grot, en uiteraard ook het merk XDeep heel erg bedanken.

De sponsor in de spotlight (© Daniel)

Neptune S1 in plan


Stijn

zondag 27 juli 2025

L’Eau Noire

De mysterieuze meanderafsnijding tussen Petigny en Nismes heeft nog maar weinig geheimen prijsgegeven. Naar het schijnt zou de bron van het systeem de tweede grootste van het land zijn (de Grot van Han staat op vlak van debiet op nummer één). Ook weten we dat er in vogelvlucht 2500m zit tussen perte en bron.

Onze eerste stapjes op het massief gaan reeds 15 jaar terug. We hebben deze ooit gezet in de Fosse Alwaque, halverwege het massief en één van de weinige grotten in een landschap met overwegend oppervlaktekarst of abannets. Het is dus moeilijk te zeggen welke oppervlaktefenomenen te linken zijn aan de dieper gelegen karst. Een ander grotje heeft ons lang in de greep gehouden, een ijskoude tocht blaast er het hele jaar rondom de oren. We spreken van een temperatuur van 3°C, onaangenaam koud eigenlijk. Wegens gebrek aan stockage en mankracht hebben we uiteindelijk besloten warmere oorden op te zoeken. De kans bestaat dat het om een zeer gefactureerde ondergrond gaat waar een koudeopslag mogelijk is. Met andere woorden: twijfelachtig SC Cascade vzw: Terug naar het verleden...

We zijn terug! Via onze kennissenkring zijn we tot bij de juiste collega’s gekomen die ons toegang kunnen verschaffen tot de Grottes de Neptune of de Grottes de l’Adugeoir.

De perte van het systeem is een toeristisch uitgebate grot, in het beheer van de gemeente Couvin. De contacten verliepen uiterst gemoedelijk en we werden er met open armen ontvangen. Nogmaals bedankt Daniel en Pascale ! Ook voor de foto’s trouwens.

Ons doel is om er de eindsifon te bekijken. Een hele reeks duikers passeerden er al de revue, de laatste duik dateert van 20 jaar terug. Uit de weinige verslagen kunnen we opmaken dat het er onstabiel is en er is sprake van een mikado. Ontwikkeling: 10m, -10m.

Zaterdag is het mijn beurt om er een poging te wagen. Ondersteund door een ruim team, en voorzien van een boot trekken we alle mogelijke middelen naar de sifon. We hebben het idee opgevat om de ‘mikado’ uit de sifon te trekken met een tirfor. Los van het evacueren van balken en andere rommel werd de sifon snel veilig bevonden. Bovendien was er voldoende zichtbaarheid en stroming om er te kunnen exploreren. De peilschaal van Couvin geeft 0,17 m²/s aan of 0,07m. L'hydrométrie en Wallonie - Hauteur Eindpunt op zaterdag: -10m, 25m ver op een uit te graven versmalling...

Team aan het werk

Op zondag werd die versmalling verder vrijgemaakt. Ik had daarvoor een krabber voorzien met drie tanden, de gelijkenis met Neptunus lag voor de hand. Achteraf gezien, met meer zicht, zijn er nog twee alternatieven vrij te maken aan deze versmalling, maar het is de middenweg geworden. Niet veel verder wordt het ruimer en stijgt de bodem. Ik maak eerst oppervlakte in een krappe spleet, en daarna in een ruime klok. Op het eerste zicht is de klok gesloten. Bij een herkansing probeer ik onder water het vervolg van de rivier te vinden. Ik vind daarentegen nog een passage naast de versmalling en zo werd duidelijk dat er alternatieve parcours mogelijk zijn aan die versmalling. Het vervolg zal voor een volgende keer zijn, er zijn alvast afspraken gemaakt! Het resultaat is een duik van 48m ver en -10m diep.

Neptune?

Tenslotte werd het weekend nog afgesloten met een mini duik in de Grotte du Lavoir in Couvin. Een klein juweeltje, waar enige inspanning voor nodig is maar dat leverde leuke foto’s op...


Stijn