Posts tonen met het label Explo duiken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Explo duiken. Alle posts tonen

dinsdag 4 mei 2021

Sourd d'Aiwe

Na een initiële verkenning van de locatie met Raf, 3 weken terug, werd besloten tot het maken van een eerste verkenningsduik.



Deze bron werd bedoken in 1966, nadien door Nico Hecq in 2010 en tevens door Dirk Roelandt.

Vandaag (2/5/2021) gaan Sanne, Raf en Herman het systeem in.

De ingang is niet nauw naar onze normen, het zicht is ok in het heengaan. Het waterpeil daalt wel zienderogen, dus weldra zijn we hier uitgezongen tot het najaar. De ooit vaste lijn bengelt in flarden, dus die gaan we vervangen door een nieuw gemarkeerd touw. Ook de topo zal vernieuwd worden.


Al bij al een leuke duikdag met een aangename kennismaking met de lokale mensen en een warm welkom aan een nieuwe topduikster in ons exploteam.


Herman.

woensdag 25 november 2020

StaVaZa Explo duiken

Door de welgekende omstandigheden is er de laatste tijd minder gepost op de blog. Dit betekent niet noodzakelijk dat we stil hebben gezeten, integendeel, we wisten enkele coronaproof exploduiken te maken. Sites als de Résurgence de Chauvaux en de Résurgence d’ Eprave hebben recentelijk ons bezoek gehad.

Naar aanleiding van een presentatie van Erik Wouters van Science Explorers in de Duik Expo van 21 nov’ zou ik toch één en ander willen melden. 


De collecteur van Mont-sur-Meuse en de Fond d’Hestroy zet de deur op een kier… 

 

In de literatuur lezen we: 

Serge Cuvelier duikt 50m ver in de bron van Chauvaux tot aan een splitsing in een smal en verblokt parcours. Dankzij de werken van enkele duikers is de toegang ingestort. Dirk Roelandt ontfermt zich voornamelijk over de topo van de Grotte de Chauvaux en daarbij slaagt hij er net niet in de verbinding te duiken van de bron naar de grot. Het normale debiet wordt geschat op 20-25liter/sec.  

Wat is nu de actuele kant van de zaak? 

De toegang tot de bron werd vrijgemaakt na een onderwaterdesobstructie, het onstabiele karakter van de ingang blijft echter iets om rekening mee te houden. Eenmaal daar voorbij is het parcours verkend tot 27m ver, einde aan een puinhelling (splitsing), dus geen 50m zoals Cuvelier aangeeft. Aan de splitsing is de verbinding met de Grotte de Chauvaux gemaakt, en voorzien van een duiklijn. Graafsessies vonden plaats aan de puinhelling, deze leunt tegen een vast plafond en werd voor het eerst gepasseerd op 06 juni ’20.  Deze passage, de tweede versmalling op het parcours heeft een rommelig karakter. Het is geen gladde versmalling, maar ze bestaat uit losse stenen op de bodem en een scherp plafond. Momenteel is dit de diepste plaats op het parcours (-5m) en is daarmee een stoffige bedoening. Veel ruimte voor herkansing is er niet, wetende dat je onder enkele kubieke meter puin door schuifelt. Het vervolg is echter ruim en stabiel! Na de versmalling volgt meteen een zaaltje waarin je via een schouw naar een diepte van ongeveer 2m opduikt. Het vervolg tot op 90m kan er gevorderd worden in een relatief ruime tunnel met een stabiel karakter. Aan het 90m eindpunt zitten we -1,3m diep en aan de voet van een puinberg. Aan het plafond is er hier en daar al oppervlak te zien. De collecteur, ongeveer 2m breed, en 1m hoog zit er goed dicht met grote blokken. Rechts zijn enkele openingen waar je nog een tweetal meter verder kan, daarna is de opening te klein. De hoofdstroom lijkt van deze kant te komen. Op het eerste zicht lijkt het een hardnekkige passage te worden. In de toekomst moeten we alles wat los zit verwijderen om het vervolg te ontdekken. Bij deze een uitnodiging aan toekomstige Chauvaux duikers om het parcours te komen verkennen, je kan contact opnemen met één van ons.

Het zicht onder water is in ‘normale’ omstandigheden tussen de 1m en 2m, beter hebben we het nog nooit gezien, slechter helaas wel, en na hevige regen is het water chocobruin.

Mogelijk scenario: Meer duikers doen ervaring op in deze bron met als doel de instorting aan te pakken. Waarschijnlijk zullen we alles uit de kast moeten halen om die klein te krijgen. Graag hadden we geweten wie interesse heeft om samen te werken.

 

Hoe de bron het best benaderen: Duiken via de Maas, onder de spoorweg door is momenteel de beste aanlooproute. Zwemmen van aan de parking aan de Maas kruipt in de kleren, maar langs de rivier is er ook een vlak en aangenaam wandelpad. De toegang via de hoger gelegen weg is te vermijden.

Op het ogenblik zien we geen bevers meer op de site, maar volgens de locals zou je bij valavond verschillende bevers kunnen spotten in de Maas. De combinatie van een duiker en een bever in en smalle, donkere, stoffige tunnel moet absoluut vermeden worden, de uitkomst is gewoon niet in te schatten. Daarom steeds het gaas netjes terugplaatsen voor de bron.


De Résurgence d’Eprave


Een typisch voorbeeld van een source bouillante is de Bron van Eprave. Kolkend, omdat het merendeel van het water door een versmalling naar buiten geperst wordt. De bron zou in de zomer om en nabij de 664L/sec uitbraken. Het is via diezelfde versmalling dat de bron verkend kan worden. Om deze toegang te vereenvoudigen zijn er in het verleden enkele nieuwe openingen gegraven om de druk van de ketel te nemen. Eén van die openingen is zelfs groot genoeg geweest om naar binnen te zwemmen. Maar, wegens instabiliteit is ervoor gekozen om die weer gecontroleerd te laten instorten. De hoofdingang kent een versmalling bovenop de tegendruk die je ondervindt van de rivier. Een rotsplaat op -2m heeft het menig duiker moeilijk gemaakt. Dankzij wiggen wisten we deze plaat te verwijderen, maar dat wil niet zeggen dat je zonder haperen naar binnen zwemt. Nee, goed positioneren, en werken tegen de stroom in is nog steeds nodig om binnen te geraken. Op -3m gaat de verticale passage over in een schuine laminoir, om dan verderop geleidelijk te veranderen in een ruime, sterk dalende tunnel van ongeveer 3 op 2m tot op grote diepte (-88m).  

Tot op een diepte van -13m is er momenteel een nieuwe lijn aangebracht (speleotouw), startend voor de versmalling in open water. Op -5m zit een lus in het touw waar eventueel zuurstof kan worden achter gelaten. De verbinding met de bestaande lijnen op -13m, en het vervolg ervan moet zorgvuldig worden bekeken. 

Het zicht, en ook het debiet zijn optimaal in het droge seizoen.

S.

 

zaterdag 11 maart 2017

Van de regen in de drup…

De laatste jaren zijn we meer en meer actief in Frankrijk. Naast de Franse Ardennen, Haut-marne en Meuse, waren we nu ook in de Lot.

Van het systeem van Padirac zijn 4 bronnen gekend, alle gelegen in de 'cirque van Montvalent', aan de oever van de Dordogne; de fontaine St.Georges, de résurgence du Lombard, de résurgence du Gourguet en de bron van Lafinou.

Een beetje geschiedenis: Kleurproeven hebben aangetoond dat er een verbinding is tussen Padirac/St.Georges en Lombard. En vanuit de toeristische grot van Padirac zijn er doorsteken gerealiseerd naar St.Georges en naar LaFinou. St.George en Lafinou zijn klassieke duikgrotten.
Ooit is de Lombard gedoken, maar 10 meter ver in de bron wordt het te smal. De Gourguet is ooit gedoken over 100m(?) maar is ook extreem smal (alle flessen moeten uit om er te passeren). Dit zijn exploraties van de jaren '70, de eigenaar heeft daarna nooit meer toestemming gegeven voor duikexploraties.
De Lombard en Gourguet zijn dus smal en liggen in een strikt privé domein. Wij kregen uitzonderlijk de toestemming om aan deze 2 bronnen te exploreren.

Geert en Stijn kozen voor de Gourguet bron, terwijl Karel en Dragos in de grote poel van de Lombard aan het graven gingen. Uiteindelijk hebben ze in de grote poel na drie dagen 10m ver een voorlopig eindpunt bereikt op een te smalle spleet. Dit zou dus hetzelfde eindpunt zijn van de exploraties van weleer?
De Gourguet gaf zich na 2 dagen gewonnen en kan nu herverkend worden. De zeer smalle ingang zou in de jaren 70 gepasseerd zijn en daarna is men 100m ver geweest . Dat laatste hebben we voorlopig nog niet herhaald, maar de ingang is wel herschapen tot een aanvaardbare passage, wordt vervolgd.
Tijdens de exploratiewerken heeft het extreem veel geregend, en het was dan ook interessant om te zien welke impact dat had op het debiet van de bronnen.

Résurgence du Lombard

Résurgence du Gourguet
Naast deze exploratie hebben we ook wat 'gewone' funbezoeken afgelegd, hierna een overzicht:

Tijdens de heenrit hebben Geert en Stijn de Source de l’Orbiquet bezocht, een mooie bron op 420km van huis is gelegen. Zeker voor herhaling vatbaar!

Source de l'Orbiquet
Nog voor de aankomst van Karel en Dragos bezochten we een natte grot, de Gouffre du Briant, deel uitmakend van de ondergrondse Couze. Deze grot heeft een diepe indruk nagelaten. Ronduit schitterend! 

Gouffre du Briant
Tussendoor hebben Geert en Stijn de natjes en de droogjes van de Combe Nègre opgezocht. Onder leiding van Thomas, zeg maar de lokale explogoeroe van de Lot, hebben we als eerste buitenlandse speleo’s de postsifon van de Neger kunnen bezoeken. 

Op de laatste dag was elkeen toe aan een funduik. Stijn en Geert kozen voor de Finou, waar ze met de kruiwagen naar toe trokken, terwijl Karel en Dragos de iets verder gelegen St-Georges deden. 

In de koffer zat ook een kajak. Na vele dagen regen is Stijn met dank aan taxi Geert gelost op de Vézère. Dik water en een prachtige vallei vormden een geslaagde afsluiter tijdens de 820 km lange terugrit.

donderdag 10 december 2015

De scubadocter...

Samen met een duiker van SC Avalon kregen we de kans om ons OW desobset te perfectioneren. Wat oorspronkelijk op een formaliteit leek heeft ons toch het volledig weekend in de ban gehouden. Zo hebben we meer dan voldoende ervaring kunnen op doen in het harder gesteente. Het resultaat is navenant. Meer info later. Bij deze: Indien je explo onder water op een hardnekkig blok stuit:  Call the Scubadocter ;-)!

Een ander project is lopende samen met enkele Nederlanders van o.a. de grotmeetwerkgroep. Zij hebben recent enkele meters kunnen toevoegen in de Hadelin, een perte van de ondergrondse Magne. Een laatste poging in die regionen om de wind te volgen bleek om een rondgang te gaan. Voorlopig einde dus. Op initiatief van Erik werd het over een andere boeg geworpen. Nadat hij de nodige spullen bij elkaar verzameld had hebben we hem gelanceerd in de sifon van de Hadelin. Deze is ooit gedoken door Luc Funcken met einde op -3m op een muur van klei. Ook nu bleek dit het eindpunt te zijn, maar Erik kon toch een venster vinden met daarachter een stijgend vervolg. De bodem bestaat uit bagger en laat zich gemakkelijk uitgraven. Een probleem is het gebrekkige debiet dat alle sediment zou kunnen wegspoelen na het woelen. Na zijn positieve uitstap zijn we volop plannen gaan maken om door middel van waterwerken het debiet te verhogen. We gaan uit van een foutieve topo van de Wuinant en hopen via de sifon van de Hadelin de collecteur te kunnen bereiken.

Op naar een volgende!

het nieuwe explo team

maandag 23 november 2015

Verder doen





“Verder doen” was het onderwerp van een mailtje dat kort na het geslaagde Halloween-exploweekend in Signy werd verstuurd. Na dit super leuke en vruchtbare weekend was de lokroep van het diepblauwe water in de toegangsholte die we in de Gibergeon hadden vrijgemaakt, te groot. Op zo een momenten krijgt de ontdekkingsreiziger, de explorateur in je de bovenhand. De drang naar het onbekende, nieuw en maagdelijk OW terrein.

Veel over en weer gemail was niet nodig om  maandag 9 november, in de herfstvakantie, vast te leggen. Het strijdplan was eenvoudig: duik in de Vaux met de bedoeling de tunnel en postsifon op foto en video vast te leggen. Daarna het beulenwerk: de toegang in de Gibergeon verder open te maken zodat kan worden ingeschat hoe gemakkelijk de OW sectie zal kunnen worden bedoken.

De wagens volgestopt met duikgerief, zoveel mogelijk duikflessen en onontbeerlijk natuurlijk het OW boormateriaal. Afspraak om 7u aan de luchthaven in Wevelgem zodat we konden samen rijden. Stijn besloot het zekere voor het onzekere te nemen en was al om 6u30 aanwezig. Een kleine miscalculatie van de wiskundige verhouding tussen afstand en gemiddelde snelheid. Enfin niet erg, het was wel dan maandag maar toch ook vakantie J.

Alhoewel het inderdaad vakantie was, bleken al de wegeniswerken en de daar aangekoppelde files toch langzamerhand de krijtlijnen uit te tekenen van wat die maandag nog allemaal te verwachten viel. Kwestie van de reisweg  wat aangenamer te maken werd halverwege een kleine verkenningstussenstop gehouden in Franstalig België.

Na nog meer wegeniswerken in Frankrijk bereikten we de Vaux toch nog op een redelijk uur. Het weer was uitermate zacht en zelfs de zon was van de partij. Het had de voorbije week absoluut niet veel geregend dus de verwachtingen voor de Vaux waren hoog. Echter die 2-3 mm regenval waren blijkbaar voldoende geweest om de zichtbaar in de Vaux tot bijna 0 te reduceren. Vermits fotografie en filmen hier op de agenda stonden werd de duik afgeblazen. Damned.

Niet getreurd, dat betekende dat we “meer” tijd hadden om de Gibergeon verder aan te pakken. Dus met hervonden moed op naar Signy. Zoals gewoonlijk was het er aan de poel heel rustig en was er plaats genoeg om dicht te parkeren. Nu en dan de gebruikelijke en intussen min of meer gekende passanten : “ aaa vous êtez de retour”.

Karel zou eerst duiken. Alle materiaal aan de waterkant klaargelegd, intussen in droogpak gereed om er aan te beginnen. Stijn maakte de OW booropstelling klaar en vroeg terloops: “waar ligt de boormachine ergens?”. “die ligt in de blauwe ton.”. “in die lege blauwe ton?”. Toen werd het opeens stil in het al zo rustige Signy. Een korte uitkamsessie bevestigde ons donkerbruin vermoeden. De boormachine bleek nog thuis bij Karel te liggen. Op zulke momenten kun je door de grond zakken, alhoewel dit hier in de Gibergeon nog zo slecht niet zou geweest zijn.

De optie om onverrichter zake terug naar huis te keren was out of the question. Failure is not an option. Dan maar in droogpak naar het nabije tankstation gaan vragen of ze geen pneumatische boormachine hadden. Uiteraard niet, maar blijkbaar was er een doe-het-zelf zaak in de buurt. Korte pijn: alles opruimen en er naartoe rijden. Als bij wonder werd de zaak vlot gevonden en in tegenstelling tot we hadden verwacht bleek dit een heel grote zaak te zijn met een serieus aanbod aan materiaal. En ja, dus ook pneumatische boormachines. Keuze werd rap gemaakt, plus nog een extra steenboor.

Poging 2. Een 3tal grote stenen moesten nog verwijderd worden van voor de spleet. De “high tech” steenboren met 4 snijkanten bleken toch niet zo goed te werken als werd gedacht. De klassieke boren met 2 of 3 snijkanten zijn eigenlijk de beste. Een aantal kleinere gaten werden geboord,... echter zonder succes. Grrrrrr

Dan maar teruggegrepen naar het betere gerief dat we ook het weekend ervoor hadden gebruikt. Met terug super resultaat. De grote blokken bleken nu handelbare stukken te zijn geworden. De toegang tot de Gibergeon is intussen een grote ruimte geworden opgedeeld in 2 kamers. Er kan nu echt al rond bewogen worden in de ruimtes en dit maakt de werkzaamheden er heel wat gemakkelijker op. Stijn had ook een grote sleepbak gemaakt en deze bleek heel nuttig. Als final touch werd er met 2 man, Stijn binnenin en Karel net buiten, terug heel wat kilo’s steenpuin geruimd.

De spleet komt bijna vrij te liggen, echter wegens de opgestapelde pech konden we deze niet volledig veilig maken. Er ligt nog een grote steen in de weg die constant naar beneden glijdt  op een lichte helling van kleine blokken. Ook is er tijdens de werkzaamheden een grote platte steen deels in de spleet gegleden.

De winter komt eraan en duiken zal er de komende maanden vermoedelijk niet inzitten. Dit is een goede zaak. Go with the flow en laat de stroming nu maar zijn werk doen en al de rommel uit de spleet blazen zodat we begin volgend jaar kunnen beginnen aan het echte werk: effectief duiken in de resurgence.

Stay tuned.
K.

dinsdag 29 mei 2012

Duiken, duiken, duiken,...

Het zal de aandachtige lezer van deze blog al zijn opgevallen dat er de laatste tijd veel duikberichten op gepost werden, en vorig weekend stond weerom in het teken van het sifonduiken.

Op zondag stond de Trou de l'Hotel op het programma. Deze grot sluit aan bij het systeem Fosse aux Ours (FAO), maar er is (nog) geen verbinding. Deze grot werd ontdekt door de SC Les Fistuleuses. De grot bestaat hoofdzakelijk uit een ondergrondse rivier, die geen verbinding heeft met de FAO. We hopen via het duiken van de sifon deze grot wel toe te voegen aan het systeem FAO (Grotte FAO-Trou Muret). In het verleden werd reeds gedoken in deze grot, maar de duikcondities zijn zelden ideaal.

Terug naar zondag; duiker Stijn, en sherpa's Ulrik en Geert zijn op post. Stijn maakt een duik van 45min, 40m ver en 11m diep. Hij maakt zo goed als mogelijk een topo, met een zicht van max. 10cm! Het blijkt dat de sifon eerst richting Zuid gaat, maar daarna een bocht neemt West en uiteindelijk Noord. Totaal onlogisch, maar de andere rivieren in de buurt hebben een even grillig verloop. De sifon blijkt relatief ruim en in vaste rots te zijn. Ondertussen is Geert gaan kijken in de Trou Muret of er geen bubbels boven komen in de blokkenzaal. Dit is echter negatief. De topo nu in gedachten is het ook mogelijk dat de bubbels elders boven kwamen in de Muret.
Ulrik maakte een filmpje van de duik: FILMPJE
Toch een mooi resultaat met een 15 tal meter duikpremière en het loopt gewoon verder, maar het is wachten op betere duikomstandigheden. Van de gelegenheid werd ook nog gebruik gemaakt om de duiklijn te vervangen.

In de namiddag, en na de afwas (Hotel en Muret zijn extreem slijkerige grotten), gingen we de sifons in de Pré-au-Tonneau eens bekijken. Voor mij was dat zeer lang geleden dat ik nog in deze grot was. Dit zijn sifons die niet direct uitnodigen om te duiken, en vol zitten met afval, takken en boomstammen, dus een ideaal haperparcours, alweer voor de liefhebbers...
In de Pré-au-Tonneau
Ook maandag stond in het teken van het duiken. Alle duiken in het systeem FAO gebeuren via de bij wijlen zeer smalle Trou Muret. Om toekomstig duiktransport te vergemakkelijken hebben we samen met Marc (SCF) enige passages breder gemaakt. We worden een dagje ouder en willen meer luxe hé ;-)

Dan snel naar huis om de voorspelde megafiles voor te zijn, en 't weekend is alweer voorbij.
Hoor ik niet alweer plannen om ook volgend weekend te gaan grotduiken? lees volgende week verder...

Geert

maandag 21 mei 2012

3 x is scheepsrecht in de Nou-Maulin

Geert kreeg samen met enkele Waalse vrienden zicht op een vervolg in de Nou-Moulin. Er was dus niet veel nodig om dat project op de dagorde te zetten van onze driedaagse die in het teken stond van de scouts. Bij gebrek aan bruut geweld kwamen we de eerste dag niet voorbij de versmalling. Daarachter lonkt nochtans een stijgend penetrabel vervolg. Ook op dag twee en drie werd geen tijd nog middelen gevonden om verder te kunnen breken. Ondertussen hebben we vernomen dat het werk geschied is maar het resultaat moet nog worden afgewacht.

Na de scoutsinitiatie stond dag drie opnieuw in teken van exploratie.
Dit keer met de bedoeling een onbekende sifon te duiken in de grot. De fantastisch mooie drukgang vervolgt z'n weg onder water om op 7m diepte horizontaal om te buigen. Daar kan nog 13m ver gekropen worden in NW richting tot op een diepte van 8,5m. De gang begint opnieuw te stijgen, maar rolkeien versperren de doorgang. Ons vermoeden gaat uit naar een hangende sifon, waarschijnlijk in verbinding met het 'lac' voorbij de Benitier. Er werd dan ook geen stroming waargenomen.
De toegang tot de sifon
De dag werd bol gewerkt met een duik in 'Les Duches', een overloop van de Fays. Bij een vorige duik raakte ik 8m diep. In 1965 werd gerapporteerd dat de sifon ongeveer 10m diep zou zijn en een 20 tal meter ver zou lopen. Het verste punt zou opnieuw stijgen maar werd te smal bevonden. Nu raakte ik 12m diep, maar door een totaal gebrek aan zicht en een te zwakke stroom richting uitgang lijkt me deze duik niet voor herhaling vatbaar. Daarbij komt nog dat de bodem bezaaid ligt met takken en zelfs bomen. Voorbij de ingangsversmalling heb je dus een haperparcours in vloeibaar slijk tot je vast komt te zitten tussen bodem en plafond. Liefhebbers?

Duikvoorbereiding
De waterstand in de Mortier is nog steeds erg laag. Onvoldoende om duikwerken te doen. Opnieuw werden de pertes vrij gemaakt.

Stijn

woensdag 18 april 2012

Meten is weten

Enkele droge weken zijn voldoende geweest om zo vroeg in het jaar een duik toe te laten in het systeem FAO.
De speurtocht naar het gedeelte post sifon van de ondergrondse Lomme vordert niet als verhoopt. Onder het motto: "meten is weten" kwam opnieuw een heel team in beweging. Kris, Geert, Fabien, Jean-Luc, Marc, Steven en Stijn veranderden in geen tijd in moeilijk te onderscheiden slijkduivels. Er werd voor het eerst in neopreen gedoken, en de duikers lieten hun materiaal leveren. Weinig plooibaar en lichtelijk oververhit werden de sherpa's op de hielen gezeten door de duikers.
Na de levering van het duikmateriaal vormden zich drie subgroepjes: duikers, gravers en toeristen. 4 uur later kwamen die opnieuw samen om de ondertussen loodzware en onherkenbare spullen naar buiten te sleuren.
De opzet: het topograferen post-sifon en het maken van enkele filmbeelden zijn goed gelukt. Tegenvaller is misschien dat we verder stroomop opnieuw in een, op het eerste zicht, ondoordringbaar blokkenstort zijn terecht gekomen. Een shunt lijkt bijna noodzakelijk willen we die blokken beter kunnen bestuderen. Of die shunt er ooit komt en waar die zich zou kunnen bevinden is iets waar we hopelijk in de toekomst beter zicht op zullen krijgen.

Na de nachtrust volgt op zondag de afwas. Alle materiaal werd ontdaan van een dikke laag slijk.
Na een bezoek aan een klein grotje te Forrière zijn we nog wat verder gaan werken aan de FAO2. Buiten waait er een forse wind en we voelen deze tot binnen. De werken vorderen goed, maar we zijn nu aanbeland op een punt dat het blokkenstort bestaat uit 'kleinere eenheden'. Na enkele uren werk hebben we nu zicht op een kamikazewerkplaats, en we besluiten dat we dit project best laten voor wat het is.

Uiteindelijk passeren we ook nog de Trou en Formation, waar gewoonlijk een forse wind tussen de blokken waait, maar nu is het er door de juiste buitentemperatuur vrij kalm.

Eenmaal thuis wordt de topo ingevoerd, en het verdikt is; dat een droge toegang tot het gedeelte post-sifon mogelijk moet zijn. De onderwatertopo blijkt een verbazingwekkende nauwkeurigheid te hebben (reeds eerder gerealiseerd). Een dikke proficiat voor de duikers. Zonder in details te treden weten we nu zeker dat een verbinding tussen de galerij FAO-Champagne-amont en de ondergrondse lomme realiseerbaar is, en waar exact we deze moeten zoeken.

De spreuk :
"Met passen en meten wordt veel tijd versleten, maar wie het niet doet werkt niet goed"
mag duidelijk niet vergeten worden.

Steven aan de start-sifon

maandag 9 april 2012

Paaszondag - werkdag

Door omstandigheden waren er velerlei wijzigingen in de planning voor paaszondag, maar uiteindelijk mocht de Gouffre au Mortier ons bezoek nog eens ontvangen. Hier wordt vooral ingezet op de duikactiviteiten, en Kevin mocht dan ook een plonsje doen in de stroomafwaardse sifon. Ter herinnering, hier zijn 2 sifons gedoken met einde in de sifon 2, waar er  onderwaterdesobstructiewerk is. Ondertussen zijn Stijn en Geert nog wat gaan graven aan de castratie. Dit is een never-ending-storry, een project van jaren. Er is ondertussen, een zeer slijkerige gang, uitgegraven over een 15-tal meter. We volgen er de wind...
Resultaat: in de sifon was weinig water, tussen sifon 1 en 2 werd een nieuw verdwijnpunt ontdekt, dat nader moet bekeken worden. De uitleg kan je volgen op dit filmpje.
Opmerking: Er zijn geen ondertitels, maar met het steeds groeiend aantal West-Vlaamse speleo's kan je best een taalbad nemen of direct gaan voor een cursus : http://nl.wikibooks.org/wiki/West-Vlaams  ;-)

Ondertussen in de castratie komen we op een punt dat de wind van boven blijkt te komen. Door de ligging van dit punt besluiten we dat de wind van buiten moet komen. Het uitgraven van deze tunnel heeft enorm veel mankracht gekost, maar we hebben deze keer besloten om er hier een punt achter zetten, er zijn andere plaatsen waar we ons nuttiger kunnen bezig houden.

Aangezien het, na de uitstap in de mortier, nog vroeg is besluiten we nog wat verder te gaan werken in de fao. Het nieuwe desobstructieproject ziet er goed uit, alles heel ruim en de wind op kop. Na een 4 tal uurtjes graven komen we echter op een plaats waar het vervolg akelig onstabiel is. Pfff die eboulies da's echt een sh.. om in te werken, in Roche-fort kan je precies geen sterke rots vinden. Resultaat: van hieruit is de rivier nog heel ver; te herbekijken.

't Is 6uur en in Rochefort schijnt nog steeds het zonnetje, dus maken we nog een wandelingetje tot aan de bron van Eprave. Het water is helder, dat wil zeggen dat er alweer kan gedoken worden in de FAO, maar da's voor binnenkort.

Geert

In de Gouffre au Mortier

woensdag 4 april 2012

Trou d'Haquin, siphon aval, na 23 jaar herdoken


Uit de snelle reactie op vorig bericht bleek dat ik niet de enige was die met het idee speelde om de sifon te herzien. Nico Hecq bleek reeds een afspraak te hebben en wij hebben hem met graagte geholpen. Nico was diegene die 23 jaar na Serge Cuvelier de situatie mocht herinspecteren.
Na de duik hebben we begrepen dat de sifon te smal is bevonden en dat het vorige eindpunt maar net overschreden werd.
Enkele dagen later lezen we tot onze grote verbazing dat Nico de sifon gepasseerd was en gestopt is aan een waterval....
Hebben wij elkaar niet goed begrepen? Speelde hij toneel? Is dit een grap misschien?
We moeten toegeven dat we allemaal op ons figuurlijk 'paard' zaten, tot we beseften wanneer het bericht gepost werd, en onze eurocent viel, en niet veel later kwam de bevestiging van Nico. Jawel, met onze twee voeten in deze 1 aprilgrap gelopen!

Deelnemers van de dag: Marc, Olivier, Benoit, Nico D, Steven, Ivan (jarige en initiant), Stijn, Kevin en duiker/grapjas: Nico!

Stijn

Voor meer details zie:
http://nicospeleo.blogspot.com/2012/04/haquin-ca-fait-du-bien.html


woensdag 14 september 2011

Aquafun!

Abstract
De duikers doen hun uiterste best; met een exploratie van 6 sifons en ongeveer 350m ondergrondse rivier kan dit een hele prestatie genoemd worden. Dé grote verrassing van vorig WE is: dat er in het meertje van Echo Beach (EB) niet 2, maar 3 sifons zijn. Twee sifons amont en één sifon aval. We zijn er nu vrijwel zeker van dat EB dé plaats is waar de twee ondergrondse meanderafsnijdingen van Wamme en Lomme samen komen. De stoomafwaardse sifon, richting Eprave, heeft een hoog debiet en blijkt er direct in de diepte te gaan. De nieuw gedoken sifons zijn die van de Lomme en het water zou dan afkomstig moeten zijn van de pertes nabij de Pré-aux-Tonneau en de Gouffre aux Mortier. We denken dat het mogelijk zal zijn om vanuit de FAO een toegang te vinden tot het post-sifon deel van de ondergrondse Lomme, een nauwkeurige topo zou daarbij kunnen helpen, ofwel via een meting met de arcana peiler. Het potentieel is groot en alle mogelijkheden liggen nu weer open.
Ook deze keer werd de exploratie gefilmd en we zullen bij gelegenheid een aantal stukken publiceren uit dit uitermate fascinerend document.
Nog zeggen dat het systeem FAO/Muret de 2km nadert!
Het wordt een drukke winterperiode ...
G.




Zaterdag werden duikers Steven en Stijn gelanceerd via de Muret. Het beoogde doel: een verdwijnpunt in Echo Beach (EB) met zeer veel stoming. 23m ver en 12m diep vond ik het welletjes en tijd om m’n onderwaterklimtechnieken uit te proberen. Er werd beveiligd aan een speleotouw met een shunt. Ik ben gestopt op niets waar de gang steil de diepte in loopt. Je wordt er omgeven door het geluid van de stroming die net als een trein om je oren raast. Zeer intimiderend om die schacht verder af te zakken. Er zal moeten gefractioneerd worden bij een volgende, maar vooral een moment afgewacht worden met uitzonderlijk weinig water. De grot is in alle geval 6m dieper geworden nu.

Ondertussen waren de porteurs (Geert, Dirk, Kevin) via de FAO, na een oponthoud aan de ingang (opnieuw versperd door meerdere bomen!!), aangekomen op het balkon van EB.
De zaal met het meer werd voor de eerste maal voldoende belicht voor een fotoshoot.



Er restte voor de duikers niets anders dan een verkenning van het lac. De buurt van de nu ondergelopen voute deed vermoeden dat er meer was in de diepte. Steven kreeg de eer om naar de bodem van het lac te duiken. Op -8m vond hij er een toegang waarachter het ruim en helder werd. Het verkennen van de sifon en uitrollen van de lijn werd aan mij toevertrouwd. Na 45m kwam ik terug boven in een nieuwe gang met lucht! Snel terug want deze verrassing van formaat moest eerst gedeeld worden. Ik moet hier niet vertellen dat iedereen versteld stond bij het horen van een tweede rivier. Ons vermoeden gaat uit naar de Lomme. Alle andere duikexploraties zouden dan in de Wamme gebeurd zijn. EB is dan de samenvloeiing en dat verklaard ook het grote debiet in de perte waar zo goed als geen sediment meer te bespeuren is.
Samen met Steven werd post sifon 25m galerij verkend tot aan een tweede sifon. De SL2 kan omzeild worden en geeft na 20m uit op een krater waar we de rivier 2m lager zien stromen. Er werd ook een kruipgang van 15m verkend tot op een mini sifon.

De dag erna waren Kevin en Stijn de gelukkigen om de explo verder te zetten. Na de topo van de sifon SL1 en de nieuwe galerijen werd de SL2 gedoken door Kevin. De 20m lange sifon bleek zoals vermoed onder aan de krater uit te komen. Verder…geen sifon! 10m gang, bocht, 15m gang, ondiep. De duikspullen werden afgelegd.
Op de achtergrond werd een stroomversnelling waargenomen! Om daar te komen moest er een doorgang gevonden worden door een instortingszone. Uiteindelijk stonden we in een zaal van ongeveer 15m lang, 5m breed en 4m hoog! De Lomme stroomt er over de volledige breedte tussen de blokken.
Overal bespeuren we mogelijke vervolgen!!
Onze natste droom is werkelijkheid geworden!
Stijn



Echo Beach, een meertje van 10x20m


donderdag 16 juni 2011

'Operatie zak en fles'

In het verlengde pinksterweekend stond  opnieuw een duik in de Trou Muret op het programma, alsook èèn in de Gouffre aux Mortier. Resultaat : opnieuw werd een sifon gepasseerd, twee andere verkend, en 50m duiklijn geplaatst.
Hierna het verslag:

De volle auto bleek te klein om nog een passagier mee te nemen. Twee auto's dan maar. Zo begon de driedaagse met Pinksteren.

Vooraleer naar Rochefort af te zakken hebben Geert en Stijn 2 duiken gemaakt in Villers Deux Eglises. Een groeve geapprecieerd voor z'n weinig schuwe steurs.
's Avonds een gezellig samenzijn met de rest van de club te Villers Le Gambon, die hadden er een rondje Perte de Mazurettes op zitten. Het federale gebeuren in de groeve kende eerder een magere opkomst. Hetzelfde stond ons te wachten voor de portage van duikspullen de volgende dag in de Muret. Die avond werden er toch nog drie zieltjes gewonnen om een handje toe te steken als 'muilezel'.

Twee duikers brachten 10 zakken en 4 flessen aan. Die werden in minder dan één uur door 8 man tot aan het water gebracht en in 45 minuten terug. We dromen nu al van schrepere tijden, minder zakken, en hopelijk meer flessen.
Duikers Steven en Stijn werden alleen gelaten met hun 'toys' en de rest werd getracteerd op een FAO of een Nou-Maulin. Vooraleer het spelletje weer achterstevoren kon beginnen, werd de lijn beter verankerd onder water, spits geklopt voor de duiklijnen, topo gedaan van de nieuwe galerij, maar vooral een nieuwe S2 met een volgende zaal verkend, en een nieuwe S3 25m ver, tot voorbij een 'versmalling' geequipeerd.
In totaal werd opnieuw 50m lijn uitgerold met een gemiddelde diepte van 5m. Op het verste punt stijgt de gang. De topo geeft aan dat we in de buurt van de Trou de l'Hotel amont (SC Fistuleuses) zitten. Eén van de volgende gaan we nog eens voorbij de voute om het verste punt van die grot te bestuderen.

Op maandag zijn we de Mortier in getrokken. Kris bracht de kleinste gravende speleo ooit mee (z'n zoontje), en samen met Dirk hebben ze verder gegraven aan de nerver ending ventilatiebuis van de grot. Maar ooit...zal het lukken!
Tenopzichte van vorige keer was er meer water in de grot, en minder in de rivier. De perte is dan ook een zeer onvoorspelbare slokkop. Zo bleek de werkplek die normaal een verschijningspunt is, nu een perte te zijn geworden.
De laatste twee volle flessen moesten er ook aan geloven met als doel de S2 aan te vallen daar. Eerst werden de nodige verankeringen aangebracht voor de lijnen en werd de mogelijke shunt onderzocht: pal noord. Zaaltje met blokken, mogelijkheden. De S2 zal uitwijzen of het zin heeft om zoveel werk te verrichten, en die bleek moelijker, langer en smaller dan verwacht. Direct een shunt creëren lijkt minder interessant. Zo werd 5m ver onder water een versmalling bewerkt met de spithamer die nu wonderwel net passeerbaar is geworden. Nog eens 8m verder is een dalende laminior te smal om verder te komen. Gelukkig is de bodem daar los. Woelen is dus de boodschap bij de volgende.

Speciaal bedankt aan de 'muilezels' en hopelijk zijn ze er opnieuw rijkelijk bij met het volgende duikavontuur!
S.




Super sherpa


Sherpa na 'crash'

Recuperatie van sherpa


woensdag 15 september 2010

Een lang en afwisselend weekend


9-10-11-12 sept

Deelnemers:
9 sept: Stijn
10 sept: Stijn, Dries en Isabel
11 sept: Stijn en Geert
12 sept: Stijn, Dirk, Kris en Geert

Awan is een kleine ondergrondse groeve die ik voor het eerst bezocht. Veel lac, weinig sifon.
Parking voor de ingang en directe toegang tot het water. Luxe dus.
Er zou naar het schijnt een achtergebleven wagonnetje in gestaan hebben dat nu mysterieus verdwenen is....
Nu trokken twee goudvissen alle aandacht naar zich ;-))

Canyoning in de ardennen met een zeer aangename afdaling van de Tolifaz. Vorige keer viel me vooral het vele huisvuil op in de bedding. Op internet heb ik gelezen dat verschillende mensen zich hebben ingezet de beek te zuiveren. Het resultaat mag er echt wezen, Chapeau!
Het canyongevoel werd compleet gemaakt met enkele glijbanen in de Ninglingspo. 
Al blijft het natuurlijk toch altijd uitkijken, lees tasten, of de bassins diep genoeg zijn om je te laten gaan, zo is de waterval van Diane versperd door een boom. Het gelijknamige bad waar vroeger een klein sprongetje gemaakt kon worden is nu volledig opgevuld met stenen.


In de vooravond nog tijd gevonden om een eerste duikpoging te wagen in de perte van de Mortier. Eerdere testen in neopreen en tentstok deden vermoeden dat dit een krappe bedoening is en bijgevolg tijdverlies. Ons materiaal en techniek is ondertussen verbeterd en de eerste onderwatertest is positief bevonden. Volgende keer ziet die sifon een compleet uitgeruste sifonduiker a la anglaise.

FAO Réseau Annexe

Er leek maar geen einde aan te komen maar zaterdag bereikten Geert en Stijn uiteindelijk toch de finishlijn in de FAO, topogewijs wel te verstaan. Er werden nog ongeveer 120 meter opgemeten en mee naar huis genomen. Ik waag me nog niet aan eindcijfers want de grot is nog in volle exploratie. We kunnen wel al zeggen dat een lengte van 1130m ( in de FAO alleen wel te verstaan) een feit is en de diepte op 73m komt. Op naar de twee kilometer!
Verder werden ook twee passages ruimer gemaakt op het parcours.
  


In het Réseau Annexe
Geen woorden maar daden bij Cascade, en om onze zinnen te verzetten (met een trappist bij de hand) zijn we een nieuw graafproject gestart. Na een tiental megabakken bosgrond zijn we tegen een laag van stenen en klei op gebotst. We spreken hier over de Trou B. waar we hopen een missing link te vinden.


Een blaasgat in de Mortier lag al enkele weken geduldig te wachten op meer dan één speleo-graver. Er zijn minimum 3 man nodig om de bakken "vlot" af te voeren. De grot moet een supercrue te verduren hebben gehad want er was ongewoon veel slijk in de grot. Ook sporen op het plafond en materiaal dat voetjes gekregen heeft doet ons dat vermoeden. Slijk is al niet om te juichen en zeker niet als het zo stinkt als daar. Bah!
Er werd toch zeker twee meter verder gegraven en we zijn opnieuw aanbeland in natuurlijke gangen. Er kan zelfs voor het eerst gedraaid worden in de nu ruim 10m lange tunnel. Tot nu toe de zotste desobstructie van de werkgroep. Vervolg in hetzelfde elan. Het ziet er niet slecht uit, maar hoe krijg je dat verkocht?
Bij deze: Dirk sprak van een alcoholische beloning voor de gravers....
Eens zien wat daar van komt;-))

Einde in de l'Ail waar we twee netten en twee buizen mee naar huis namen.
Opgeruimd staat netjes!

Stijn

Exit Gouffre aux Mortier

dinsdag 3 augustus 2010

Mortier en Hotel - tweede duik

Zaterdag 31juli

Deelnemer:  Stijn

Stijn heeft zaterdag gewerkt in de Mortier.
Kleine voorgeschiedenis:
De Trou Mortier is een kleine grot in de flank van de Fayt en is momenteel de grootste actieve perte van de Lomme.
In deze grot werden onze eerste doorbraakjes van betekenis gemaakt.
Eén daarvan is de "Castratie".
Nog steeds is dit het beste blaasgat van de volledige flank.
Vooral in de zomer waai je er bijna weg. s'Winters ontsnapt de druk op de ketel door minuscule spleten hogerop.
Deze plek werd het toneel van verschillende werksessies al dan niet met succes.
Een voute werd omzeild via een altijd droge passage en het claustrofobisch gevoel bleek best haalbaar in de zomer.

De buis werd over 5m verbreed en we stranden op een opening van 20 bij 20cm waar geen einde aan leek te komen.
De moed zonk...maar werd weer opgevist.
De ene helft van de gang kan uitgegraven worden. Er werd zaterdag een formidabele 2m opgeschoven.
Puin zal in twee fazen in de rivier gesleurd moeten worden wegens gebrek aan mankracht.
De oude voute zit dan ook nu volledig verstopt.
Einde op een hardnekkig stuk muur.
Vervolg ziet er goed uit:
Nog twee meter hetzelfde liedje en dan een verandering. Eindelijk!
De gang dropt in een zwart "gat" of is het een gaatje?
We blijven nog steeds in dezelfde breuk.

Zondag 1 augustus
deelnemers: Marc, Willy, Stijn

Zondag was de Trou de l'Hotel weer aan de beurt.
De put werd uitgerust met vaste touwen en dit alles uitgetest.
We mogen trots zijn op het resultaat!
26m touw tot beneden met twee pompiersteken en een kleine vire, allemaal voorzien van maillons.
Een touw voor materiaal in de buis en een touw om lasten te torsen in de grote put.
Dit alles afgewerkt met de nodige voetsteunen aan de vire en een verstevigd plateau en trappen in het slijk onderaan.

Als dessert van dit menutje is Willy is nog een volledige dag in de weer geweest met de ingang, de nodige paadjes en trappen hakken in het bos.

Het hoofdstuk duiken kan nu echt wel van start gaan.Dat dit niet van de poes is werd nogmaals bevestigd.

Er was zo goed als geen stroom in de rivier van de l'Hotel.
Zicht onder water verdween en kwam dan ook niet meer terug.
De lijn werd aaneengeknoopt in het zaaltje waar we geëindigd waren en werd verder op de tast verkend.
Uiteindelijk een lage passage gevonden op -11m.
De 2m lange laminior wordt daarna weer breder.
Hier heb ik gedraaid omdat ik zeer ongemakkelijk tegen het plafond hing.
En dat met de voeten omhoog na een versmalling en geen zicht.
Achteraf bleek dat m'n borstgordel de ganse tijd op de inflator van m'n droogpak aan het drukken was.
De nieuwe lijn werd niet achter gelaten maar afgebroken tot het oude einde.
Die ervaringen zijn zeer nuttig om materiaal en techniek bij te sturen in de toekomst.
Twee 7L flessen zijn in de maak en ik denk erover na om nat te duiken.
Betekend ook niet meer verkleden in de grot en een zak minder sleuren.

Om af te sluiten heb ik Marc geholpen om de meeste van de plaketten en musquetons te vervangen aan de vire boven de sifon.
De meer duurabele modellen kwamen in de plaats van die met splinters en wit haar erop.
Op het eind daarvan werd er kort een beetje gekrabt.
Onze meningen bleken unaniem njet.
Een droge verbinding tussen de Hotel en de Muret is niet voor morgen.
Marc heeft afgesloten met het opmeten daarvan.

De echte afsluiter kwam er onder vorm van een file en een uur of twee slijkbazaar kuisen.
Wordt vervolgd!!

Stijn

dinsdag 22 juni 2010

Verslag explo van 20 juni - eerste duik in de Auberge (Hotel)

Eerste duik in de Auberge
Deelnemers: Marc, Willy, Geert, Dirk, ET, Meli, Stijn.
Veel volk.
Normaal heb je ook veel volk nodig om een grotduiker te lanceren.
Dit keer niet.
We hebben een eerste duik gemaakt via de Trou Auberge of "l'Hotel"
De ingang bestaat uit een buis van een 6 tal meter diep. 
Verder kom je in een verticale spleet van ruim 10m diep.
Deze geeft uit op een helling gevolgd door een lac.
Veel beter dus dan een trip van etelijke uren door de FAO of een benepen en slijkerige tocht door de Muret.
Al snel werd duidelijk dat de lac eigenlijk een ruime sifon is waar het water in verdwijnt.
Het debiet is er eerder klein. Ongeveer 2L per sec volgens Marc.
Als duiker krijg je dan ook maar een klein venster om te verkennen en de lijn te verankeren.
Daarna gebeurt alles op de tast.
Een eerste maal geeindigd op 6m diepte. Een tweede ronde ging tot -9m
Er werd 30m lijn uitgerold.
Einde op niets, vervolg is ruim.
Wel werd de hoofdrivier nog niet gevonden.
Via deze hopen we de verbinding met de Muret en de FAO te kunnen maken.
Deze zou ook verdere exploratie stroomop en stroomaf kunnen toelaten.
Er werd veel geoefend als duiker.
Dit keer werd dan ook side mount gedoken met twee maal 10L.
Op die manier hebben we een zekere autonomie en kunnen we toch overal relatief vlot passeren.
Wel vergat de duiker op z'n kompas te kijken om de richting van de gang te bepalen.
Beginnersfout zeker? 
Maar we kunnen we zo goed als zeker zeggen dat we richting Muret gaan.
Met andere woorden een geslaagde missie.
De andere mensen moesten zich gelukkig niet vervelen
Zij hebben met Willy de ingang wat helpen verbouwen.
Marc had nog twee extra segmenten voorzien om op de buis te plaatsen.
Het resultaat ziet er netjes uit!
In de toekomst willen we het equipement in de put wat aanpassen en er ook een platform installeren.
Dit zou er voor zorgen dat het laten zakken en takelen van de spullen uiterst relaxed gaat.
Ook het strand gaan we tegen de volgende keer wat bijwerken zodat verkleden in de blubber daar een feest wordt.
Groeten Stijn