Posts tonen met het label Woëvre. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Woëvre. Alle posts tonen

maandag 13 januari 2020

Roadtrip

Aanhoudende crue is niet het beste moment om aan duiken in karstbronnen te denken.
De voorbije zomer hebben we succes geboekt in een nieuwe bron niet ver over de Franse grens; La Cuve. De burgemeester verzekerde ons dat de bron vrijwel altijd voldoende helder is. We hebben de proef op de som genomen na een toch wel vrij natte periode; de bron was bruin, en bijgevolg onduikbaar. Op onze weg naar de Woëvre had ik nog een aantal spots geselecteerd via de site van Georisque.
Het is duidelijk dat er in de Crêtes Préardennaises nog heel wat interessante karstfenomenen verstopt zitten. De meeste bronnen zijn deze tijd van het jaar bruin van kleur, maar blijkbaar zijn er toch enkele die daaraan kunnen ontsnappen. Aan de hand van het debiet konden we nu ook een inschatting maken van hoe groot het fenomeen zou kunnen zijn. Enkele bronnen hebben voldoende indruk gemaakt, en zullen we herzien wanneer het droger is.
Zo ben ik de voorbije zomer naar een actieve bron, en een overloop gaan zien in Cheméry-sur- Bar.
De actieve bron zit werkelijk onder het wegdek in het dorp. De bodem van deze onstabiele poel, op -5m is bezaaid met blokken waar geen einde aan lijkt te komen. In de overloop; de Fosse à Dionne genaamd zat toen nog 3m water. Onderzoek van de bodem gebeurde op de tast, maar er werd geen ingang gevonden. Toch is er op veel plaatsen vaste rots aanwezig, in deze overwegend zanderige put. Het idee ontstond om in décrue het fenomeen te herbekijken, en hopelijk dankzij de stroming en het zicht een ingang te kunnen lokaliseren en eventueel vrij te maken. Eenmaal ter plaatse (deze winter) werd het plan snel vaarwel gezegd, want ook hier alleen maar bruin water en slechts een miezerig beekje komend uit de poel.
Daarnaast hebben we kunnen genieten van een verijst bos vol karstfenomenen en potentiële gouffres. Enkele werden afgedaald, om tot de vaststelling te komen dat veel van deze putten in het verleden gebruikt zijn om slachtafval in te dumpen. Volgens de lokale club zijn de nodige instanties hiervan om de hoogte, en wordt de zaak onderzocht. Duiken hebben we uiteindelijk gedaan in een leisteengroeve. Ook deze is indertijd gebruikt als dump, maar dan wel met munitie uit de eerste WO.
Kijken mag, aankomen niet!
Fosse à Dionne met LW

La Cuve

Source Bleue

Trou Radel


vrijdag 26 juli 2019

De Woëvre

De Woëvre is een relatief onbekend karstgebied in noord Frankrijk, departement Meuse. De grootste grot meet er ruim 990m; de Gouffre du Failly. Aan het systeem zijn twee ingangen, één sportieve, en een ander relatief eenvoudig. Die laatste is momenteel helaas misbruikt als dump voor slachtafval, en er is geen doorkomen aan.  Er zou ook 80m ver gedoken zijn in de eindsifon. Verder zijn er tientallen pertes en kartsfenomenen verscholen in het bos. Werkelijk een walhalla voor de grotliefhebber!
De spéléocub van Longwy is er actief, en de meeste  kartfenomenen zijn te raadplegen via de website van georisques.
Uiteraard zijn er ook bronnen verbonden aan het uitgesterkte bos. De belangrijkste zijn te vinden in Delut, Dimbley en Merles-sur-Loison. Naar goede gewoonte beginnen we van onder naar boven.
In Delut is de hoofdbron geconnecteerd op de riolen, en dus weinig attractief. In Dimbley werden menige blokken versleurd, maar door de zwakke stroming en het eerder smalle karakter als herzien bestempeld.

Stijn en Julien aan La Cuve
De mooiste bron is te vinden in Merles-sur-Loison; La Cuve. Een waar zwembad met helder water tot -10m diep. Helaas afgesloten om veiligheidsredenen. Na een goed contact met de burgemeester van het dorp, en het opstellen van een overeenkomst ‘op eigen risico’ konden we van start gaan. Op diepte bleek al snel dat de versmalling een formaliteit was. Na en desobstructie van 5’, lees enkele blokken aan de kant duwen kan je met een SM configuratie probleemloos naar binnen. De haspels werden voorzien van de nodige meters en markeringen.
De eerste 55m waren voor rekening van Julien en Stijn. Daarna heeft Stijn tot 159m in de rechter tak verkend, en 106m vanaf de ingang in de linker tak. Er zit een splitsing op 60m en beide takken eindigen op niets. Tijdens ons bezoek hadden we zeer goed zicht. De vraag is of dat nog het geval zal zijn in minder droge periodes. Zeker is dat we er een nieuwe spirit bij hebben ‘dicht’ bij huis.

Hier een niet te missen filmmontage!


Wordt vervolgd!
Stijn

PS: een toegangsreglement is in de maak, voor info contacteer Stijn of Julien.