Posts tonen met het label Fosse Sinsin. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Fosse Sinsin. Alle posts tonen

maandag 25 februari 2019

Teamwerk

Décrue en een vroege lente in de lucht... het duikseizoen is geopend.
Duik 4 in de Grotte de la Sépulture met als doel het testen van de airlift 2.
Ten gevolge van de hoge waterstand zat de duiklijn een meter onder water. Het voordeel is dan weer dat er gezwommen kan worden door de ganse grot.
De airlift is bruikbaar, maar zal in de toekomst niet meer dienen om deze passage open te maken. De blubberput is dermate groot, en de kans bestaat dat de bagger zeer snel weer zal worden aangevuld. De aanpassing van het plafond lijkt een betere oplossing, een bajonet van ongeveer 30 cm dik, en 1 m breed bemoeilijk de passage, daarachter lonkt het vervolg.

Airlift
Ook na de middag hebben we neopreen aangetrokken om als waterratjes de Tahaux bron verder te verkennen. Achteraan kregen we zicht op een nieuwe sifon. Het is mogelijk dat deze passage er met laag water helemaal anders uitziet, we zijn benieuwd. In het zaaltje, ontdekt in 2017, en na het verleggen van enkele blokken hebben we dan weer een vervolg gevonden. Het gaat om een onderliggende passage naar de nieuwe sifon. Hiermee is de grot ongeveer 5m langer.

Sépulture
Voor het programma op zondag hebben we versterking gekregen van enkele Avalonners. In totaal stond een 7-koppige bemanning aan de Fosse Sinsin, een recordaantal. Dat beloofd!
De grot was onterecht op de achtergrond geraakt, voornamelijk door te weinig mankracht en middelen. We hebben er lange tijd een spleet van 15cm breed aangepakt, maar deze lijkt eindeloos. Onze mogelijkheden zijn ontoereikend voor dergelijke tunnelwerken. Gelukkig is er onderin de grot een alternatief gevonden dat bestaat uit een heel ander soort werk. Zo hebben we met 5 man een hele dag rotsen en emmers kunnen doorgeven aan elkaar. Dergelijk werk schiet natuurlijk lekker op. We blijven een vaste wand volgen waar puin tegen ligt. Het mogelijke vervolg was bij het einde van de dag zoekgeraakt, maar daar zat de hoge buitentemperatuur ongetwijfeld voor iets tussen. De luchtstroom is doorheen de dag stilgevallen en volledig omgedraaid.  Dat Avalonners fanatieke gravers zijn wisten we al, maar ze aan het werk zien is des te plezanter! Bedankt! Op naar een volgende. Om af te sluiten heeft iedereen de grotrondgang gevolgd, met hier en daar toch een mooi hoekje.
S.
Meer info over FSS op:
https://scavalon.blogspot.com/2019/02/collaboreren-is-fun-cascade-en-avalon.html

zondag 18 februari 2018

Een nieuw gat; nieuwe hoop

We hadden alles mee om er een duikweekend in de Chantoir de Bure van te maken, maar het weer besliste er anders over. Vooraf wisten we dat het een dubbeltje op zijn kant zou worden. In de Ardennen lag er zo’n 7 centimeter sneeuw en de temperatuur draaide rond het vriespunt. Dit kon betekenen dat alles nog stijf bevroren lag, maar ook dat de sneeuw intussen aan het smelten was. Het bleek de laatste optie te zijn, en helaas was enkel de hoofdperte actief, en geen van z'n voorgangers. In de Chantoir de Bure verdween een stevige slok ijswater, die het onmogelijk maakte om de grot binnen te gaan. Dit zette ons met de voetjes op de grond. Als de grot droog had gestaan, dan waren we wellicht naar binnen geweest en hadden we later op de dag wellicht een crue op ons dak gekregen... Terwijl we er toch waren, onderzochten we met een warmtecamera de omgeving. Daaruit leerden we dat er in de omgeving van het verdwijnpunt geen enkele plaats is die in aanmerking komt als alternatieve toegang.

Ons groepje van vijf man (Stijn, Geert, Dirk, Raf en Kris) trok dan maar naar de Fosse Sinsin, onze werkplaats op het Massif de Boine in Han-sur-Lesse. Bij gebrek aan beter zouden we verder de spleet aanvallen die ons nu al anderhalf jaar bezig houdt. In principe zijn hiervoor drie mensen voldoende. Omdat we met teveel volk waren, daalden Dirk en Geert nog eens af naar de diepere regionen van de grot om er te zoeken naar mogelijke andere werkplaatsen. Per slot van rekening was het buiten licht aan het vriezen. En hoe kouder het buiten is, hoe meer de grot blaast. Veel hoop hadden Dirk en Geert niet, want we hebben al een paar keer elke hoek en kant van de grot onderzocht, telkens zonder resultaat. Op het diepste deel van de grot plooide Dirk zich echter dubbel toe op een plek waar we in het verleden al een zuchtje hebben waargenomen, alleen nu ging het over een duidelijke luchtstroom. Zouden we eindelijk het verdere vervolg van de Fosse Sinsin gevonden hebben? Bovendien kwam de tocht uit een opening die relatief eenvoudig te verbreden leek, terwijl we er zo’n 12 meter dieper zitten dan onze gebruikelijke werkplaats.

Het duurde niet lang voor ook Stijn, Raf en Kris bij Geert en Dirk stonden om de nieuwe mogelijkheid te bekijken. Nog geen vijf minuten later werden de eerste blokken uit de spleet gehaald en de eerste bakken puin gevuld. Zo werkten we zaterdag en zondag onverdroten verder. We sloten het weekend af met drie meter gedesobstrueerde passage en einde op... brol en modder tot tegen het plafond. Voorlopig zijn we dus nog niet toe aan de nieuwe patatjes...

(Kris)



donderdag 21 december 2017

Ondertussen in de Fosse Sinsin

--Dit is een samenvatting van een 4-tal dagen explo te Han-sur-Lesse tijdens de afgelopen maanden.--

Naast onze andere werven zijn we met (ruime) tussenpozen nog altijd aan het werk in de Grotte de la Fosse Sinsin, een nieuw grotje op het Massief van Boine in Han-sur-Lesse. Aan de tocht te oordelen die doorheen de grot waait, hopen we dat de plek de toegang kan vormen tot een nieuwe Grot van Han, vooral omdat ze tussen de Réseau Sud en de Père Noël ligt. De Sinsin is intussen 25 meter diep en 200 meter lang, maar stel je bij de grot geen grote fossiele riviergangen voor. De grot bestaat veeleer uit gebarsten rotsplaten die uit elkaar zijn geweken en spleten vormen van maximaal twee meter tot nauwelijks enkele centimeters breed. We vermoeden dat de grot is ontstaan als gevolg van de instorting van een reusachtige zaal, die nu de doline van de Fosse Sinsin vormt. De Wet van Murphy wil natuurlijk dat het gros van de wind vandaan komt uit een van de smallere spleten.

Omdat onze exploploeg zich niet door een vuistbrede spleet laat tegen houden, zijn we deze nu al anderhalf jaar aan het verbreden. De voorlaatste twee sessies gebeurde dit door Kris, zoon Ewout en Myriam. Het voorbije weekend namen Stijn, Geert en Kris op zaterdag de klus voor hun rekening. Op zondag werden Stijn en Geert afgelost door een Nederlandse ploeg bestaande uit Lisette, Marcel en zoon Sieds, omdat zij technisch werkloos waren door de hoge waterstand in hun eigen 'werf'. Op zaterdag haalden we er bovendien de zware middelen bij. Gefrustreerd omdat de rotsen meer weerwerk bieden dan we verwacht hadden, sleepten we een generator en een heuse drilboor het bos in. Het resultaat is dat we in één dag meer fijn stof hebben ingeademd dan je normaal gezien in een heel leven mag doen, maar ook dat we eindelijk een stevig eind vooruit konden gaan.

Dit betekent dat we zondag eindelijk de plek konden bereiken waar we al anderhalf jaar naar toe werken. Naarmate de werken vorderden, kregen we namelijk een steeds beter zicht op een nieuwe spleet. Bij de voorlaatste sessies slaagden we er in om een steentje in de spleet te mikken, en deze rolde enkele meters dieper door. Zou de doorbraak werkelijk nabij zijn? Zouden we onder ons de toegang zien tot een grote zaal met afmetingen à la Père Noël, tot aan de nok gevuld met fonkelend witte concreties? Helaas, maar deze droom zullen we nog wat moeten uitstellen. De nieuwe spleet gaat inderdaad de diepte in, maar blijft hooguit tien centimeter breed. Dit betekent dus dat we de komende maanden nog enkele sessies desobstructiewerk te goed hebben...

Profiterend van onze overnachting in Camping Le Roptai in Ave-et-Auffe gingen we op zondagmorgen overigens eerst een kijkje nemen naar de P70 van de oude barietmijn van Auffe. We hadden al eerder foto’s gezien van dit grote en diepe zwarte gat, maar wilden deze – naar Belgische normen – gigantische put toch eens met eigen ogen zien. Marcel wist de put liggen en speelde onze gids. Ze ligt amper vijf minuten van de camping verwijderd. De put afdalen is momenteel echter uitgesloten. Kris had namelijk een verhaal opgevangen dat deze put tegenwoordig gebruikt wordt als stortplaats voor jachtafval. Dit bleek inderdaad te kloppen. Samen met de warmere lucht steeg uit de put een geur van rotting en bederf op. Aan de rand van de put lagen bovendien organen en een recente plas bloed. Smakelijk was anders...

FSS doline met grotje (bovenin de wand)
--Een dagje in het teken van de elektronica.--
Een tijdje terug trokken we naar de Fosse Sinsin met de bedoeling om er wat apparatuur te testen.
Vooreerst werden er de grottelefoons opgesteld, zodat we een vlotte communicatie konden onderhouden van binnen naar buiten de grot. Dan werden een aantal metingen uitgevoerd met een paar ARVA sneeuwbiepers. We wensen de mogelijkheden van deze toestellen te testen en ook een systeem uit te werken om er een nieuwe meting mee op te zetten aan de Wuinant (ondertussen met goed resultaat uitgevoerd). In dit geval was een afstand van 25-35m grot te overbruggen.
Daarna werd ook het ARCANA-toestel getest op een afstand van een 30-tal meter. Dit toestel laat toe om een exacte plaatsbepaling te doen, wat met een ARVA niet mogelijk is. De zender, die in het tunneltje van de FSS doline stond, kon snel en accuraat worden gelokaliseerd.
Naderhand werd in de FSS doline nog een klimmetje uitgevoerd in de wand waar een grotje verborgen zit. Deze grot is overigens niet opgenomen in de CWEPSS atlas en is 12m lang bij een sectie van ongeveer 1x1m. Op te merken valt dat deze lokatie boven het réseaux Sud van de Grottes de Han zit.

grottelefoon in de FSS
Na de metingen nog een desob poging gedaan in de FSS, maar de hilti gaf geen kik... één van de batterijen blijkt defect (ondertussen weer hersteld).
Uiteindelijk zijn we dan nog even gaan zien naar 2 bronnen, de Sourd d'Ave en de Chauveau. Merkwaardig dat deze laatste bron niet actief was. Er moet ergens een andere bron zijn van het grote systeem Haquin/Mont? maar wij weten niet waar. Aan de SDA zitten dan weer bevers die er een flinke dam hebben opgetrokken. Maar dat zijn dan weer heel andere verhalen...

G. K. S.

zondag 7 mei 2017

FSS

Een gemotiveerde ploeg, mooi weer en alle materiaal om elk obstakel uit de weg te ruimen: de kaarten lagen zaterdag goed voor een dagje exploratie in de Grotte de la Fosse Sinsin. De deelnemers waren Myriam, Kris en diens zoon Ewout: alle drie vastbesloten om er stevig in te vliegen. Wegens onze andere werven was het al enige tijd geleden dat we de grot nog bezochten en dat was er aan te zien. Het bospaadje naar de grot staat vol ontkiemende boompjes en de grot zelf is intussen gekoloniseerd door honderden muggen en door een dier dat drollen in de ingangszone achterlaat. Ook de droge winter heeft zijn invloed gehad. Nergens was er nog een spatje modder, een hangende waterdruppel of een vettige slijkplek te bekennen. De volledige grot is nu droog en stoffig en dat verhoogde zaterdag sterk het comfort op de werkplek.

Een doorbraak was er niet te verwachten, maar toch vielen we met goede moed de spleet aan die ons nu al velen maanden bezig houdt. Ditmaal trok de grot de lucht aan, waardoor alle stof van onze verbredingswerken meteen werd weggezogen. Hierdoor konden we vrijwel continu doorwerken. Tien breeksessies werden besteed om de taps toelopende gang uit te werken tot een mijngang met een rechthoekig profiel. Wie na ons komt, kan nu verder werken in aangename en comfortabele omstandigheden. Bij de laatste twee breeksessies vielen we de eigenlijke spleet aan. En met succes. Grote stukken van de wand lieten los en enkele blokken die nog weerstand boden werden met de koevoet en de beitel op andere gedachten gebracht.

Hierdoor konden we opnieuw dieper in de spleet kijken en dat ziet er niet slecht uit. In de bodem van de mijngang is nu een spleet van zes centimeter breed en een meter diep zichtbaar. Anderhalve meter verder komt op de spleet een dwarsbreuk uit en wordt het wat breder. Op die plaats lijkt de bodem van de spleet ook over te gaan in een dalende helling. Het lukte ons om er een steen in te gooien en die rolde enkele meters verder. Wellicht zijn er nog drie werkdagen nodig om een beter zicht te krijgen op deze plek, maar dit kan weer perspectieven bieden. In plaats van een eindeloze werf is de Sinsin plots weer een best interessante werkplaats geworden, zeker als je rekening houdt met de hevige tocht die doorheen de grot waait.

Mens en machine gaven zaterdag het beste van zichzelf. Vermoeidheid voelden we niet en ook de batterijen bleven maar volts en ampères spuwen. Groot was dan ook onze verbazing toen het al 18.40 uur bleek wanneer we na zeven ondergrondse uren uit de grot waren. Dat was veertig minuten later dan met de thuisblijvers afgesproken. Doodongerust hadden die al een lokale speleoloog gevraagd om eens te gaan kijken. Oeps... De volgende keer misschien toch maar een uurwerk meenemen...

Kris

woensdag 15 juni 2016

Speurtocht FSS

Om een tweede mening te horen over onze werkplaats in de Fosse Sinsin, nodigden we zondag Robert Leveque uit naar de grot. Robert is één van de drijvende krachten achter de exploratie van de Noû Bleû en heeft heel wat ervaring met het betere desobstructiewerk. In de Fosse Sinsin staan we immers voor een raadsel. Aan de ingang staat er altijd een forse tocht, om maar niet te spreken van wind. Die overtuigende tocht vinden we binnen de grot echter niet terug.

Slechts op één plaats staat er een duidelijke voelbare tocht, maar niet van diezelfde intensiteit als de wind aan de ingang. Deze plek bevindt zich op een palier onderaan de eerste put. De tocht komt er uit een spleet van zo’n 8 cm breed, die volgens de lasermeter van Robert nog minstens 2,20 meter dieper in de rotsen doorloopt om daarna af te buigen. Zondag toonden we Robert elk hoekje en kantje van de grot, maar ook hij vond geen alternatieve werkplaats.

Na de rondgang onderzocht Robert de tochtende spleet met een GoPro-camera en een felle lamp gebonden aan een uitschuifbare metalen lat. Robert zal deze camerabeelden thuis verder analyseren. Met deze lat positioneerden we ook een steentje in het verst bereikbare deel van de spleet. Het steentje viel er naar schatting 3 tot 4 meter diep. In elk geval zal het nog heel wat werk vergen om met de klassieke middelen deze spleet te verbreden. Bovendien zitten we er nog altijd twaalf meter hoger dan de diepste delen van de grot.

Robert gaf alvast nog enkele tips hoe we de tocht misschien terug kunnen vinden. Als de grot lucht zuigt, zouden we verschillende mensen doorheen de grot kunnen verspreiden. Wanneer we aan de ingang wierookstokjes laten branden, kunnen we ruiken welke weg de luchtstroom doorheen de grot maakt. Een andere mogelijkheid is de tochtende spleet luchtdicht af te sluiten. De tocht zal dan misschien een andere weg kiezen, waardoor de intensiteit van de tocht op andere plaatsen in de grot kan toenemen.

De grot lag er in elk geval een stuk minder aangenaam bij dan anders. Door de hevige regen van de voorbije dagen en weken is het aan de werkplaats nogal modderig geworden. Nog onaangenamer is dat de grot de voorbije maanden gekoloniseerd werd door vele muggen en zelfs door vliegen. Deze cirkelen rond het enige lichtpunt in de grot – onze Scurions – en kruipen daarbij ook je neus en mond binnen. Aangenaam is anders. De enige optie was om af en toe je licht uit te doen. Dan vlogen die insecten tenminste naar iemand anders…

K.

zondag 14 februari 2016

FSS the next episode

Onze exploratie in de Fosse Sinsin (Han-sur-Lesse) gaat zo zijn gangetje. Ondertussen werd er 2 weekends lustig verder gewroet aan een ambitieuze desobstructie, met zicht op nog meerdere werksessies...onze motivatie blijft echter hoog. Binnenkort is het weer lente en kunnen we ook onze buitenlandse projecten weer hervatten, dus we hebben veel ondergronds- en onderwater-plezier in het vooruitzicht!
 
Ons exploteam aan de FSS
 Ook een nieuwe grotdetector uitgetest...een warmtebeeldcamera...graaf speelgerief.
Een korte wandeling in het bos leverde snel een warme plek op die je anders niet zal opmerken. Met een beetje wind en de juiste ligging kan je zo de beste plekjes opsporen en kunnen we weeral dromen van nieuwe projecten. We gaan wellicht een selectie moeten maken...
G.




maandag 4 januari 2016

FSS

FSS alias Fosse Sinsin omvat 2 grote dolines op het massief van Boine. Sinds 2013 werken we er op 2 plaatsen en nu publiceren we hier de eerste maal een berichtje omtrent onze werkzaamheden te Han-sur-lesse.
In 2013 leerden we deze site kennen. Aangezien de lokale club verschillende andere werkplaatsen heeft (en dus geen tijd om aan FSS te exploreren), hebben wij vooreerst een oude werf hernomen, de Puits Promethée (PP). Deze werkplaats uit de jaren '60 en '70 omvat een put nabij de rand van de oostelijke doline. Na stabilisatiewerken van deze put en 4 dagen exploratie hebben we deze site reeds opgegeven wegens te onstabiel. Het is ten stelligste af te raden om de put af te dalen, onderin kan elk moment een instorting gebeuren. Om hier verder te werken zijn zware stabilisatiewerken nodig.
We hebben ons werkterrein verlegd naar een 'Abri' met eveneens een sterke luchtstroming. Een spleetje van 10 tot 15cm hebben we er verbreed over een lengte van 10 meter, een werkje van zo'n 15 dagen... Uiteindelijk ontdekten we begin 2015 een penetrabel vervolg...

Dit vervolg blijkt te bestaan uit een complex van putten en horizontale stukken op de limiet van vaste rots en de FSS-doline. De opname van de topo wijst op een ontwikkeling van 200m+ en een diepte van -26m. Een vervolg werd niet direct gevonden, maar een 2-tal plaatsen met opnieuw een felle luchtstroming krijgen onze aandacht. We zijn er nu 30 dagen actief, en de werken gaan door ... 

Waarom heeft deze site nu onze bijzondere aandacht? De Grotte FSS ligt nabij het Réseau Sud van de Grot van Han, en richting Père Noël grot, dus in de nabijheid van de grootste grotvolumes in België...
Ter info: De grot is eigendom van de SA des Grottes de Han en is afgesloten.

Geert

De Puits des Machines à Laver in de Grotte FSS

De toegangsput van de PP